HvhO Daphne-de-NeefOp basisschool Prinsenbos in Gilze wordt lesgegeven aan de kinderen van vluchtelingen die in het asielzoekerscentrum wonen. Daphne de Neef heeft er de dagelijkse leiding in handen. "Ik voel me helemaal geen held. Ik doe mijn werk gewoon met plezier."

Haar loopbaan begon achttien jaar geleden in Rotterdam. „In deze regio was toen geen werk. Ik ben na een jaar teruggekomen naar Oosterhout waar ik kon invallen voor iemand die met zwangerschapsverlof was. Daarna kon ik aan de slag bij basisschool De Wildschut in Gilze. Basisschool Prinsenbos werd een dependance van De Wildschut toen het asielzoekerscentrum Prinsenbosch ontstond en hier een school werd gevestigd. De scholen vallen allebei onder de stichting Tangent."

Als leerkracht had Daphne de Neef (41) eerder diverse groepen en daarnaast organisatorische taken. Nu heeft ze de dagelijkse leiding en is ze intern begeleider. En er is werk aan de winkel. „We sloten het afgelopen schooljaar af met 75 leerlingen. Nu hebben we er 131. We hadden wel een piek verwacht door de komst van mensen uit Syrië. Eerst kwamen alleen mannen. In de zomervakantie arriveerden hun vrouwen en kinderen voor gezinshereniging. Het is voortdurend schakelen: dan weer een groep erbij en dan weer een groep minder."
Dat vereist flexibiliteit. „Eigenlijk zijn we een gewone school, maar met een speciale touch. Je moet snel kunnen schakelen. Ook omdat je nooit een groep het hele jaar onderwijs geeft. Er zijn voortdurend wisselingen. Doorlopend verhuizen er mensen. Daarom hebben we ook een fulltime secretaresse. Zij schakelt voortdurend met het Centraal orgaan Opvang Asielzoekers over wie er komen en wie weer vertrekken." De klassen worden ingedeeld aan de hand van de leeftijd van de kinderen. „We starten gewoon met maan, roos en vis. En met een rekentoets die niet talig is. Bij oudere kinderen proberen we versneld door de stof te gaan zodat ze daarna snel kunnen aansluiten bij hun leeftijdsniveau. De interne begeleiding van kinderen is anders dan op een gewone Nederlandse school. We hebben veel contact met de medewerkers van het COA en de huisarts gevestigd op het centrum. Als we iets signaleren, geven we dat aan elkaar door en proberen hier actie op te ondernemen."
Geen dag is hetzelfde, weet Daphne. „Je moet er altijd op voorbereid zijn dat er iets kan gebeuren. Er kan zomaar een kind niet komen opdagen, omdat het wordt uitgezet. We maken weleens nare en verdrietige dingen mee. Maar je moet de volgende dag weer gewoon verder met je klas."

Er zijn nu z'n 1200 asielzoekers in Prinsenbosch. „Zo'n 13 procent daarvan is kind", zegt De Neef. „Je weet vaak niet wat ze hebben meegemaakt. Van een aantal weet je dat ze op een boot hebben gezeten op de Middellandse Zee. We zijn niet bezig met deze kinderen omdat ze vluchteling zijn. We zijn bezig kinderen iets te leren. Eigenlijk leid ik alleen zaken in goede banen. De leerkrachten zijn de echte helden." 

Wat zou Daphne doen als ze voor één dag minister van Onderwijs zou zijn?
„Ik zou de bureaucratie binnen het onderwijs aanpakken. De meeste leerkrachten en interne begeleiders weten waar ze mee bezig zijn. Daar hoeft niet zoveel regelgeving achter te zitten. Procedures kunnen allemaal korter en sneller."


Uitdaging

Aanmelder Guus Moolhuijsen: „Daphne is gedreven, heeft visie, weet personen in hun kracht te zetten en heeft een groot hart voor de doelgroep. De school wil goed onderwijs geven. Dat is een grote uitdaging met soms getraumatiseerde kinderen die geen Nederlands spreken."

[Peter de Jong]